| datum: |
16-09-2005 |
| bron: |
MinBzk |
Informele afspraken over cao politie
De politie krijgt met terugwerkende kracht vanaf 1 juni 2005 een loonsverhoging
van 1 procent, met een minimum van 25 euro per maand. Op 1 juni 2006 komt
er weer een loonsverhoging van 1 procent (ook met een minimum van 25 euro
per maand). Op 1 juni 2007 krijgt de politie volledige prijscompensatie.
In januari 2006 en in januari 2007 krijgen alle politiemensen een eenmalige
uitkering
van 250 euro.
Dat is afgesproken in informeel overleg tussen minister Remkes (Binnenlandse
Zaken en Koninkrijksrelaties) en de politievakbonden NPB, ACP en VMHP.
De afspraken moeten nog formeel bekrachtigd worden in het Centraal Georganiseerd
Overleg Politie. Daarvoor wordt ook de vierde politiebond, de ANPV, uitgenodigd.
Het is de bedoeling dat de nieuwe cao loopt van 1 juni 2005 tot en met
31
december 2007.
Naast de loonsverhoging hieronder de andere informele afspraken op hoofdlijnen:
- Bij ziekte krijgen politiemensen tijdens de eerste zes maanden hun
loon volledig door- betaald. De volgende zes maanden krijgen zij
90 procent, daarna
zes maanden 80 procent en de laatste zes maanden 70 procent. Opgeteld
is dat 170 procent, gerekend over twee jaar. Dit is in overeenstemming
met de afspraken
in het Sociaal Akkoord tussen kabinet, werknemers en werkgevers uit
het najaar. Politiemensen die tijdens de ziekteperiode gedeeltelijk
werk of
reïntegratieactiviteiten
verrichten, krijgen hiervoor gedeeltelijk loon en gedeeltelijk ziektegeld.
- Twee categorieën politiemensen die er door de nieuwe ziektekostenverzekering
op achteruitgaan, krijgen hiervoor een compensatie. Alleenverdieners
met een niet-werkende partner krijgen over twee jaar een compensatie,
die begin 2006
eenmalig wordt uitbetaald. Voor gepensioneerde ex-politiemensen
geldt een aflopende compensatieregeling, die zeven jaar duurt.
- Politiemensen die ziek worden door een dienstongeval of beroepsziekte,
mogen niet tussen wal en schip raken. Zij moeten hun loon volledig
krijgen doorbetaald. Voor bijzondere gevallen komt er een waarborgfonds
als bodemvoorziening.
Voorbeeld is een verhuisvergoeding als een politieman of -vrouw
moet verhuizen na bedreiging thuis, die te maken heeft met
het werken bij de politie.
- De toeslag voor nachtdienst tijdens weekenden gaat omhoog.
- Zwaar politiewerk kun je niet tot 65 jaar volhouden. Executieve
politiemensen tot en met schaal 11 kunnen met 60 jaar met
pensioen en krijgen dan
76 procent van het middelloon. Andere politiemensen kunnen
vanaf 61 jaar met
vervroegd
pensioen, met 66,5 procent van het middelloon. Door langer
door te werken gaat het pensioenpercentage omhoog. Politiemensen
moeten
hier
zelf via
levensloopsparen zelf ook een bijdrage aan leveren, maar
uitgangspunt is dat de nieuwe regeling
voor de politiemensen niet duurder is dan nu.
- Politiemensen gaan 1 procent langer werken, zonder dat
hier extra loon tegenover staat. Dit komt in de plaats
van langer doorwerken aan het
einde van de loopbaan. Omgerekend betekent 1 procent
meer werken
meer blauw op straat:
ongeveer 500 mensen extra.
- Veel aandacht gaat naar fit en gezond werken bij de
politie. Politiemensen moeten daarvoor de nodige voorzieningen
krijgen.
Er komt een gezondheidsmeting
en een fitheidstest, die vanaf 2009 verplicht is. Uiteindelijk
moeten alle politiemensen slagen voor deze test.