| datum: | 27-09-2004 |
|---|---|
| bron: | Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid |
Een voorgenomen besluit tot wijziging van het Privacyreglement is instemmingsplichtig. Nadat de bestuurder en de OR hierover hebben vergaderd, heeft de OR aangegeven niet in te stemmen met het voorgenomen besluit. De bestuurder besloot de wijzigingen toch door te voeren waarop de OR de nietigheid van het besluit heeft ingeroepen.
De bestuurder heeft vervolgens het geschil voorgelegd aan de Bedrijfscommissie.
De bedrijfscommissiekamer spreekt in zijn advies (pdf, 44 Kb) uit dat de ondernemingsraad niet onredelijk heeft gehandeld door zijn instemming te onthouden aan het (voorgenomen) besluit van de bestuurder.
De Kamer is van oordeel dat de bestuurder niet aannemelijk heeft gemaakt dat sprake is van een zwaarwegende reden(en) als bedoeld in artikel 27, vierde lid, WOR.
De Kamer adviseert de bestuurder de procedure inzake de verkrijging
van goedkeuring van de kantonrechter niet voort te zetten.
Partijen worden geadviseerd in overleg te treden teneinde alternatieven
te ontwikkelen.