Programma KPMI, directie Politie en Veiligheidsregio’s
Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
A4 is bedoeld om de politiekorpsen op een snelle manier kort en bondig te
informeren over ontwikkelingen op het gebied van arbeidsvoorwaarden.
A4 is vooral bestemd voor P&O- en FEB-functionarissen in de politiekorpsen.
A4
verschijnt minstens zes maal per jaar. Afhankelijk van de behoefte kan de
verschijningsfrequentie toenemen. In voorkomende gevallen verschijnt er aanvullend
een A4 themanummer waarin speciale aandacht wordt besteed aan een bepaald
onderwerp.
Aan de in A4 opgenomen informatie kunnen geen rechten worden ontleend.
A4
is terug te vinden op de site van het Informatiecentrum Politie www.cao-politie.nl
A4 kunt u toegezonden krijgen door een mail te zenden aan InformatiebulletinA4@minbzk.nl
Redactie:
Ilse Zuijderwijk, Ilse.Zuijderwijk@minbzk.nl
Deze A4 is verzonden op: 9 december 2008
jaargang 2008, nummer 9
A4 jaargang 2008, nummer 9 downloaden (pdf, 220 K)
Uniforme betaaldatum salaris
Als onderdeel van het harmonisatietraject arbeidsvoorwaarden is in de CGOP
van 20 november jl. afgesproken dat met ingang van 1 januari 2010 de salarissen
in alle korpsen worden uitbetaald op de 21ste van elke maand. Er is gekozen
voor deze datum als grootste gemene deler tussen de korpsen die vroeger
en later uitbetaalden. Als de 21ste valt in een weekend of op een nationale
feestdag, dan vindt de bijschrijving eerder plaats.
In het jaar 2009 zal langzaam maar zeker worden overgeschakeld op deze betaaldatum, zodat werknemers hun betalingen hierop kunnen afstemmen. Werknemers voor wie het salaris hierdoor later wordt uitbetaald dan voorheen, kunnen in het overgangsjaar een voorschot krijgen.
Informatie: Ilse.zuijderwijk@minbzk.nl
Verlenging ouderschapsverlof
De aanspraak op ouderschapsverlof wordt per 1 januari 2009 verlengd
van 13 weken naar 26 weken.
Dit voorstel is onderdeel van het Belastingplan 2009 dat door de Tweede Kamer
is behandeld. Daarin is ook voorgesteld om de ouderschapsverlofkorting los te
koppelen van de deelname aan een levensloopregeling. Dit betekent dat iedere
werknemer die gebruik maakt van ouderschapsverlof aanspraak krijgt op de ouderschapsverlofkorting
uit de Inkomstenbelasting. Alleen is deze ouderschapsverlofkorting van meer factoren
afhankelijk. Zo kan de korting niet meer bedragen dan het verschil tussen het
belastbare loon in het jaar dat de werknemer ouderschapsverlof opneemt en het
belastbare loon in het daaraan voorafgaande jaar. Ook is de korting alleen mogelijk
voor de onbetaalbare verlofuren. De ouderschapsverlofkorting gaat in het voorstel 50%
van het minimumloon bedragen. Er komt dus geen uitkering van 50% van het minimumloon
bij ouderschapsverlof. Er is hooguit sprake van een korting op de inkomstenbelasting
van de ambtenaar.
De verlenging van het verlof geldt ook voor de ouders die vóór 1 januari 2009 nog geen verlof hadden opgenomen, ook al hebben zij het wel vóór 1 januari 2009 aangevraagd. De eerste kamer moet het wetsvoorstel nog overnemen. Op dit moment worden de gevolgen in kaart gebracht. Het voorstel kan nog wijzigen. Zodra er meer duidelijkheid is over de status van het voorstel, volgt verdere informatie.
Afkoop van de verschuivingsvergoeding vanaf 1 januari 2008
In juli jl. is de regeling verschuivingsvergoeding feitelijk in werking kunnen
treden. Dat was later dan oorspronkelijk de bedoeling was (1 januari 2008).
De medewerkers van de sector politie hadden volgens de afspraken uit het Akkoord
Arbeidsvoorwaarden 2005-2007 aanspraak op de verschuivingsvergoeding vanaf 1
januari 2008. Door de verlate ingangsdatum van de regeling in juli 2008 moest
voor de periode januari tot het moment in 2008 dat de regeling volgens het in
gebruik zijnde planningssysteem bij elk korps in werking is getreden, een afspraak
worden gemaakt voor de wijze van berekening van de vergoeding. Hierover is met
de vakorganisaties overeenstemming bereikt.
Binnen de sector politie zijn meerdere systemen in gebruik waarin de verschuivingsvergoeding moest worden ingebouwd nl. PCS, SAP en de nieuwe Basisvoorziening CM, die in 2008 en 2009 bij de korpsen volgens een planningsschema in gebruik wordt genomen. Uit kostenoverwegingen is besloten de regeling niet in te bouwen in de CMS Basisversie.
1. Hoe verder?
Voor de verschillende systemen gelden verschillende momenten waarop de verschuivingsvergoeding
feitelijk conform de afgesproken regeling in werking treedt.
Daardoor gelden als overgangsbepaling verschillende afspraken voor de periode
waarover de afkoop plaatsvindt.
a. korpsen die beschikken over PCS, Basisvoorziening
CM of SAP (het korps Haaglanden)
Per juli 2008 wordt de regeling volledig uitgevoerd (feitelijk per 12 juli
2008, toen het 28-dagenrooster etc. werd ingebracht). Na het afsluiten van
de eerste periode (09/08 -05/09) is de berekening van de vergoeding verricht.
Gegeven het moment van aanleveren van de salarisgegevens betekent dit dan dat
in de maand november 2008 de eerste betaling van de feitelijke verschuivingsvergoeding
plaatsvindt (over de periode 9-2008).
Overgangsmaatregel
Voor deze korpsen (21 in totaal) zijn de periodes 10-2008 tot en met 13-2008
als referteperiode vastgesteld voor de berekening van de vergoeding voor
de periodes 1-2008 tot en met 8-2008. Vanaf 9-2008 wordt de vergoeding berekend
naar de feitelijke situatie.
Als compensatie voor de late betaling van de verschuivingsvergoeding over de
eerste 8 dienstperiodes van 2008 aan de medewerkers is afgesproken, dat zij
niet 8x het gemiddelde aan verschuivingsvergoeding per dienstperiode (gemeten
in de referteperiode) zullen ontvangen maar 9x.
b. Voor de korpsen die beschikken over CMS Basis
In de CMS Basisversie is de nieuwe regeling niet meer aangebracht. De korpsen
die dit systeem gebruiken zijn Friesland, IJsselland, Noord- en Oost Gelderland,
Gelderland-Midden en Amsterdam-Amstelland . Deze korpsen migreren per 1 januari
2009 naar de Basisvoorziening CM.
(Over de situatie in AA wordt nog overlegd. Ditzelfde geldt ook voor de Vtspn
en de Politieacademie.) Deze korpsen kunnen het 28-dagen rooster en het perioderooster
voor periode 1-2009 invoeren, zodat direct vanaf periode 1-2009 de volledige
berekening van de feitelijke verschuivingsvergoeding mogelijk is.
Overgangsmaatregel
Voor de korpsen die vanaf 1 januari 2009 beschikken over de Basisvoorziening
CM wordt voorgesteld om de periode 2-2009 tot en met 5-2009 als referteperiode
te gebruiken voor de berekening van de vergoeding voor de periode 1-2008
tot en met 13-2008.
Als compensatie voor de late betaling van de verschuivingsvergoeding
over het jaar 2008 aan de medewerkers is afgesproken dat zij niet 13x het
gemiddelde aan verschuivingsvergoeding per dienstperiode (gemeten in de referteperiode)
zullen ontvangen maar 14x.
Berekeningswijze over de referteperiode
Het aantal verschuivingen in deze referteperioden wordt vastgesteld conform
de regeling verschuivingsvergoeding.
2. Nog één keer de hoofdlijnen van de regeling verschuivingsvergoeding
De verschuivingsvergoeding is ingevoerd om voor de medewerkers meer “rust in
de roosters” te creëren. Alleen verschuivingen in het kader van dienstbelang
komen voor vergoeding in aanmerking. Als een medewerker een dienst ruilt
met een collega, omdat hem dit beter uitkomt, is er voor beide partijen geen
recht op vergoeding.
Wie heeft er aanspraak?
De ambtenaar ingeschaald in salarisschaal 12 of lager heeft aanspraak op een
vergoeding als er sprake is van een verschuiving in de vastgestelde roosters.
Voor sommige groepen is een andere afspraak gemaakt zoals voor aspiranten
en het personeel bij de Dienst Speciale Interventies en de Aanhoudings- en
Ondersteuningseenheden.
De ambtenaar ingeschaald in salarisschaal 13 of 14 heeft alleen aanspraak
op de vergoeding, als er sprake is van een verschuiving van diensten in het
kader van:
a. deelname aan een rampenstaf;
b. deelname aan grootschalig bijzonder optreden;
c. ME-inzet;
d. deelname aan
een team grootschalige opsporing.
Om welke verschuivingen gaat het?
Uiterlijk 28 dagen voor aanvang van de periode waarop het rooster betrekking
heeft, maakt het bevoegd gezag het rooster bekend waarin de vrije zondagen
en de wekelijkse rust worden vastgesteld (conform Barp). Een verschuiving
van de vastgestelde vrije zondagen en wekelijkse rust kan uitsluitend op
grond van dienstbelang plaatsvinden en wordt vastgesteld in het dienstrooster.
Een verschuiving van deze dagen in het dienstrooster levert aanspraak op
de vergoeding op.
Uiterlijk zeven dagen voor aanvang van de periode waarop het betrekking heeft, maakt het bevoegd gezag het dienstrooster bekend waarin wordt vastgesteld op welke dagen arbeid wordt verricht en welke dagen vrije dagen zijn (conform Barp). Een verschuiving van de vastgestelde vrije dagen kan uitsluitend op grond van dienstbelang en wordt vastgesteld in het dagrooster. Een verschuiving van deze dagen in het dagrooster levert aanspraak op vergoeding op.
Uiterlijk op de vierde dag, voorafgaande aan die waarop dienst moet worden gedaan, maakt het bevoegd gezag het dagrooster bekend waarin wordt vastgesteld welke de tijdstippen zijn van aanvang en einde van de dienst (conform Barp). Een verschuiving van de vastgestelde tijdstippen van aanvang en einde van de dienst kan uitsluitend:
a. met instemming van de betrokken ambtenaar en na schriftelijke vastlegging
of
b. indien op grond van artikel 2:2 of 2:5 van de Arbeidstijdenwet die wet niet
van toepassing is.
Of er sprake is van dienstbelang beoordeelt het bevoegd gezag dan wel de door deze aangewezen ambtenaar.
Berekening van aantal verschoven uren
Indien het bevoegd gezag de medewerker bij nader inzien niet houdt aan het
verrichten van de dienst, zoals vastgesteld in het dagrooster of het bevoegd
gezag verkort die dienst zonder instemming van de medewerker, wordt geacht
dat de medewerker de volledige dienst heeft verricht en geeft dit aanspraak
op de verschuivngsvergoeding.
Een verschuiving van een zondag of een dag die in de wekelijkse rusttijd valt, wordt gesteld op 8 uren, ongeacht de betrekkingsomvang of werktijdenmodaliteit van de ambtenaar.
De vergoeding voor een verschuiving in het 28-dagenrooster of dienstrooster wordt eerst toegekend indien meer dan 8 uren zijn verschoven.
De vergoeding voor een verschuiving in het dagrooster, wordt eerst toegekend indien de verschuiving een half uur of meer bedraagt.
Verschoven uren en gedeelten van uren worden berekend over een periode van vier weken, worden opgeteld en naar boven afgerond op hele uren.
Betaling van de vergoeding
De verschuivingsvergoeding per verschoven uur is gelijk aan de toeslag in geld
bij overwerk (€ 6,00).
De vergoeding wordt zo spoedig mogelijk uitbetaald, doch uiterlijk bij gelegenheid
van de tweede salarisbetaling volgende op de periode van vier weken waarin
de verschuiving heeft plaatsgevonden.
De vergoeding kan niet samenvallen met de vergoeding voor overwerk. De vergoeding
wordt ook niet toegekend aan de ambtenaar die als gevolg van arbeidsongeschiktheid
feitelijk niet werkzaam is volgens het rooster waarin de wijziging plaatsvindt.
De regeling wordt te zijner tijd opgenomen in artikel 12 van het Besluit Algemene Rechtspositie Politie en voor wat betreft de vergoeding in artikel 27 van het Besluit Bezoldiging Politie.
Informatie: Yvonne.Ulijn @minbzk.nl
Overeenstemming over de Landelijke Arbeidstijdenregeling Politie (LAR)
Met de vakorganisaties is overeenstemming bereikt over de Landelijke Arbeidstijdenregeling
voor de sector Politie. Daarmee komt er één arbeidstijdenregeling voor heel
politie Nederland.
Het systeem Basisvoorziening Capaciteitsmanagement en PCS worden gevuld met de
parameters uit deze regeling. Naar verwachting is dit in de loop van het eerste
kwartaal 2009 gereed. Afhankelijk van dit precieze moment zal een ingangsdatum
van de LAR bekend worden gemaakt.
Doel van de regeling
De regeling komt de bedrijfsvoering ten goede, omdat hij meer mogelijkheden
biedt voor het flexibel inzetten van capaciteit. Uiteraard gebeurt dit met
de zorg voor de gezondheid, veiligheid en welzijn van de medewerkers.
Arbeidstijdenbeleid
Tegelijk met de regeling is een arbeidstijdenbeleid geformuleerd, waarin de
werkgever zijn visie op het stelsel van arbeid- en rusttijden heeft neergelegd.
In dit beleid dat ook met de vakorganisaties is vastgesteld wordt aandacht
besteed aan de positie van de deeltijders in relatie tot de invulling van
roosters. Afgesproken is dat de invulling van hun diensten naar evenredigheid
plaatsvindt tenzij de medewerker zelf instemt om hiervan af te wijken.
Inhoud van de regeling
Per dagdienst kan structureel maximaal 9 uur worden ingepland. In de uitvoering
kan de dienst eventueel uitlopen tot 12 uur, inclusief de overuren. Wordt
dit langer, dan is er sprake van een ATW-overtreding. In bijzondere situaties
en in opdracht van de korpschef kan de planner 12 uurs diensten plannen,
zoals bij een grootschalig optreden of een evenement.
In de nacht kan eveneens structureel 9 uur worden gepland. In de uitvoering mag dit incidenteel uitlopen tot maximaal 10 uur. Ook hier geldt dat in uitzonderingssituaties 12 uur kan worden gepland. Dit kan niet vaker dan 13 keer per jaar. De ondernemingsraad dient hierbij te worden betrokken. Het aantal nachtdiensten is bepaald op niet meer dan 104 keer per jaar, gemiddeld 2 x per week.
In de rusttijden is niets veranderd. Er dient minimaal 11 uur rust te worden gepland binnen een periode van 24 uur en wekelijks 36 uur binnen een periode van 7 x 24 uur. Er zijn afwijkingen mogelijk die in de regeling zijn beschreven.
De zondagsarbeid, zoals in artikel 12 van het Barp is opgenomen, is ongewijzigd gebleven en is daarmee veel gunstiger dan de regeling in de Arbeidstijdenwet zelf.
De afgelopen jaren is veel inzet gepleegd op het arbeidstijdenmanagement en
capaciteitsmanagement. Hiermee is winst te behalen voor de bedrijfsvoering.
De vakorganisaties onderschrijven dit en zien hiervan de noodzaak in. De LAR
is hierbij ondersteunend. Tegelijkertijd blijven bij de werkgever en vakorganisaties
de veiligheid, gezondheid en welzijn van de medewerkers voorop staan.
In de cao politie 2005-2007 is afgesproken dat de arbeidstijden en rusttijden voor een periode van 6 maanden tevoren in een rooster worden neergelegd, het zogenaamde indicatieve rooster. De medewerkers ontlenen hieraan geen rechten.
Los van deze cao-afspraak was het in veel korpsen toch al praktijk dat roosters
ruim tevoren bekend gemaakt worden.
De vakorganisaties hebben in de CGOP erop gewezen dat een aantal korpsen een
kortere bekendmakingtermijn zijn gaan hanteren, waardoor de medewerkers nu
pas later zicht krijgen op de te werken dagen en te werken uren. Dit past niet
bij goed werkgeverschap.
De minister heeft de werkgevers dringend verzocht de cao-afspraak na te (blijven)
komen en in ieder geval de werknemers bij het 28-dagenrooster, zoals gebruikelijk,
inzicht te geven op de te werken dagen en uren. Wat betreft de vergoeding bij
verschuiving zijn daarvoor strikte regels afgesproken die hieraan niet in de
weg staan.
Rol van de ondernemingsraad
De LAR dient door de korpsen te worden nageleefd. Hij is overeengekomen met
de vakorganisaties en biedt daarom geen ruimte meer voor het korps om met
zijn ondernemingsraad afwijkende afspraken te maken op die punten die zijn
overeengekomen. De ondernemingsraad heeft vanuit zijn
betrokkenheid bij de bedrijfsvoering bevoegdheden behouden rond het roostervormingsproces en de feitelijke inzet van de capaciteit.
Monitoring
Partijen hebben afgesproken om de LAR te monitoren. Enerzijds om de naleving
te controleren - ook met het oog op het aantal ATW overtredingen - anderzijds
om de toepassing tussen de korpsen te vergelijken. De uitkomsten van de monitor
worden met de werkgevers en de vakbonden besproken.
In deze monitor wordt in ieder geval op verzoek van de vakorganisaties de uitvoering van de consignatie onderzocht. Vakorganisaties hadden graag gezien dat consignatie voor operationele medewerkers wordt uitgesloten. Deze afspraak is niet gemaakt, omdat in de kleinere korpsen dit tot een probleem voor de bedrijfsvoering zou leiden.
Er wordt nu gewerkt aan de formele regelgeving van de LAR en aan de totstandkoming van een eenvoudige brochure waarin de regeling uiteengezet wordt. Er wordt naar gestreefd om deze in de eerste helft van 2009 gereed te hebben.
Zodra er zekerheid is over een ingangsdatum van de LAR zal dit via A4 bekend worden gemaakt.
Informatie: Yvonne.Ulijn@minbzk.nl
Stuurgroep Fuwapol van start
In het Arbeidsvoorwaardenakkoord 2008-2010 is afgesproken een beloningsonderzoek
te houden en het huidige functiewaarderings- en beloningssysteem te herijken. Daarvoor
is de Stuurgroep Fuwapol opgericht. Deze Stuurgroep is op 20 november jl. voor
het eerst bij elkaar gekomen. In deze Stuurgroep nemen de vier vakorganisaties
deel alsmede vertegenwoordigers vanuit de korpsen en het ministerie.
In de eerste bijeenkomst zijn werkafspraken gemaakt. Partijen willen snelheid maken, onderwerpen zullen, zo nodig, worden voorbereid in werkgroepjes. De Stuurgroep kan deskundigen uit het veld advies vragen. In ieder geval zullen ook externe bureaus worden betrokken. De leden van de Stuurgroep hebben mandaat om tussentijds besluiten te nemen. Het uiteindelijke resultaat wordt formeel in de CGOP besproken en ter instemming voorgelegd. Op dat moment zullen de medewerkers en korpsen over de voorgenomen plannen worden ingelicht.
Op korte termijn zal een brief worden verzonden waarin een aantal bureaus worden uitgenodigd om in een presentatie toe te lichten op welke wijze zij het beloningsonderzoek vormgeven. Naar verwachting zal eind januari bekend welk bureau dit onderzoek uitvoert.
Informatie: Yvonne.Ulijn@minbzk.nl
Adviescommissie melding voorgenomen reorganisaties
In het Protocol melding voorgenomen reorganisatie Nederlandse politie is een
formulier voor de melding van een voorgenomen reorganisatie opgenomen (Staatscourant
van 20 juli 2007, nr. 138 / pag. 8). In het formulier is ook de adressering
voor een melding aangegeven. Door de reorganisatie bij het Ministerie van Binnenlandse
Zaken en Koninkrijksrelaties, zoals in de vorige A4 vermeld stond, is ook deze
adressering gewijzigd. In het vervolg kunnen melding van voorgenomen reorganisatie
worden gericht aan:
Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
t.a.v. de heer mr. R.P. Muizer
programmamanager KPMI van de directie Politie en Veiligheidsregio’s
Postbus 20011
2500 EA Den Haag
Op de volgende data in 2009 komt de Adviescommissie melding voorgenomen reorganisaties
bij elkaar:
donderdag 8 januari
donderdag 29 januari
donderdag 19 februari
donderdag 19 maart
donderdag 16 april
donderdag 14 mei
donderdag 11 juni
donderdag 2 juli
donderdag 30 juli
donderdag 3 september
donderdag 1 oktober
donderdag 29 oktober
donderdag 19 november
donderdag 17 december
Informatie: Albert.Huizenga@minbzk.nl
Ziekteverzuim 1e + 2e + 3e Kwartaal 2008
| 1e kw 2008 |
2e kw 2008 |
3e kw 2008 |
|
| Groningen | 5,91 | 5,88 | 5,90 |
| Friesland | 6,51 | 6,29 | 6,15 |
| Drenthe | 5,20 | 5,13 | 4,95 |
| IJsselland | 5,17 | 5,05 | 4,94 |
| Twente | 5,54 | 5,58 | 5,61 |
| Noord-en Oost-Gelderland | 5,60 | 5,51 | 5,34 |
| Gelderland-Midden | 6,39 | 6,08 | 5,92 |
| Gelderland-Zuid | 4,52 | 4,66 | 4,96 |
| Utrecht | 6,33 | 6,32 | 6,33 |
| Noord-Holland-Noord | 6,92 | 6,98 | 6,93 |
| Zaanstreek-Waterland | 4,52 | 4,59 | 4,46 |
| Kennemerland | 6,02 | 5,92 | 5,64 |
| Amsterdam-Amstelland | 5,09 | 5,12 | 5,22 |
| Gooi-en Vechtstreek | 6,11 | 6,01 | 6,22 |
| Haaglanden | 5,57 | 5,50 | 5,28 |
| Hollands-Midden | 5,84 | 5,68 | 5,88 |
| Rotterdam-Rijnmond | 5,76 | 5,82 | 5,96 |
| Zuid-Holland-Zuid | 6,11 | 5,96 | 5,91 |
| Zeeland | 5,31 | 5,28 | 5,18 |
| Midden-en West-Brabant | 6,73 | 6,82 | 6,81 |
| Brabant-Noord | 4,83 | 4,76 | 4,82 |
| Brabant-Zuid-Oost | 4,93 | 4,98 | 4,95 |
| Limburg-Noord | 4,88 | 5,00 | 5,00 *) |
| Limburg-Zuid | 6,81 | 6,72 | 6,62 |
| Flevoland | 5,49 | 5,47 | 5,16 |
| 5,70 | 5,68 | 5,65 | |
| KLPD | 5,94 | 5,86 | 5,88 |
| PA | 4,51 | 4,63 | 4,86 |
| 5,69 | 5,66 | 5,64 | |
*) Limburg-Noord kon over het 3e kwartaal geen cijfers aanleveren
Harmonisatie Arbeidsvoorwaarden Politie (HAP)
De RAP-regeling (Ruilmogelijkheden arbeidsvoorwaarden Politie)zal per 01-01-2009 ingaan met uitzondering van de inwerkingstredingsbepaling
voor bedrijfsfitness, deze is verschoven naar
1 juli 2009. De regeling zal
spoedig worden gepubliceerd in de Staatscourant. Inmiddels zijn de overige
regelingen gepubliceerd:
Informatie: Ilse.Zuijderwijk@minbzk.nl
Informatiebulletin A4
De informatie in het informatiebulletin A4 is primair bedoeld voor P&O-
en FEB-functionarissen. Dit betekent dat de informatie is geschreven met als
uitgangspunt dat enige achtergrondkennis over de ontwikkelingen wordt verondersteld.
Dit neemt niet weg dat alle politiemedewerkers zich aan kunnen melden voor
digitale toezending van dit informatiebulletin. Mocht de informatie uit dit
bulletin echter tot vragen leiden dat kunt u zich altijd wenden tot de personeelsafdeling
van het korps waar u werkzaam bent. De informatietelefoonnummers die soms bij
de onderwerpen staan vermeld zijn bedoeld voor P&O- en FEB-functionarissen.