De operationele toelage
De operationele toelage (OT) is de belangrijkste component van het stelsel
van compensatie voor inconveniënten bij de politie. De overige onderdelen
worden gevormd door de pikettoelage (een uurvergoeding per uur opgelegde
consignatie) de vergoeding voor ME-inzet (vergoeding per kalenderdag ME-inzet)
en de overwerkvergoeding (het salaris plus een toeslag voor elk uur verricht
overwerk of een uur verlof plus een half uur verlof als toeslag per uur
verricht overwerk).
De OT betreft een nominaal bedrag voor ieder uur dat door politiepersoneel wordt gewerkt tussen 22.00 en 7.00 uur en voor ieder uur dat gewerkt wordt op zaterdag en zondag en feestdagen. Het uurbedrag bedraagt momenteel € 3,82.
Onderzoek evaluatie OT
In 1996 is door de CAO-partijen de afspraak gemaakt om het budget voor
de OT tien jaar lang te verhogen met jaarlijks € 2,72 miljoen. Deze toevoegingen
aan het budget zijn de afgelopen jaren gebruikt om het
uurbedrag van de OT te verhogen. Destijds is ook afgesproken dat de jaarlijkse
verhoging van het budget na vijf jaar – dus halverwege het traject – zou worden
geëvalueerd. Aan deze afspraak is invulling gegeven door het houden van een
onderzoek. Dit onderzoek heeft het rapport "De operationele toelage,
een onderzoek naar beloning en beleving van onregelmatige werktijden bij de
politie" opgeleverd en is bedoeld om in CGOP-verband overleg te kunnen
voeren over eventuele aanpassingen van de wijze waarop het budget van de operationele
toelage wordt ingezet.
Gemiddeld ontving 87% van alle politieambtenaren in 2001 een bedrag van ongeveer
€ 1250,- aan OT. Gemiddeld genomen werken executieve ambtenaren 20% tot 25%
van hun werktijd op de uren waarover de OT wordt betaald, 6% van de tijd op
doordeweekse avonduren waarvoor geen OT wordt betaald en de overige tijd op
kantooruren.
Werknemers geven aan de inconveniënte werktijden met name bezwaarlijk te
vinden voor hun gezondheid en beoordelen het effect van deze werktijden op
privé- en verenigingsleven als negatief. Werknemers met inconveniënte werktijden
geven echter tevens aan dat zij hun onregelmatige werktijden niet willen inruilen
voor alleen werken op kantooruren. Bij de leidinggevenden valt op dat de operationele
toelage niet wordt gezien als management-tool waarmee op de inzet wordt gestuurd,
maar als een rechtvaardige beloning voor het werken in onregelmatige dienst.
Zowel werknemers als leidinggevenden zijn voorstanders van een zekere differentiatie
van de vergoeding voor het werken buiten kantooruren, met name via een hogere
beloning voor de nachtelijke uren in het weekeinde. Het onderzoek biedt voor
een dergelijke differentiatie geen eenduidige kwantitatieve maatstaf en waarschuwt
voor het gevaar van verstarring van werktijdpatronen als de beloning van inconveniënte
werktijden te hoog wordt vastgesteld.
Download het Rapport: De operationele toelage (pdf, 344 K)